Neef Henk

28 nov

Terwijl op Black Friday de winkels volstromen, stroomt bij mij de hele winkel leeg. Op één volhardende klant na, ik vermoed een familielid van Harry. Kennen we Harry nog? Die ene niersteen die voor mij het begin van 2016 zo memorabel maakte? Zijn ‘avonturen’ lees je hier terug. Ik hoop voor zijn neef Henk (zo heb ik deze maar genoemd) dat dit verblijf wat sneller voorbij is en ik er geen vijfdelig feuilleton over hoef te schrijven.

Want schrijven is eigenlijk het enige dat me nu een beetje helpt. Dat én de drugs van de arts. Maar laat ik bij het begin beginnen.

Maandagochtend, 7.00 uur

Ik ken dit gevoel. Been there, done that. Dit wordt een pittig dagje, maar als het meezit duurt het niet al te lang. Het zal niet de eerste niersteen zijn die ik binnen een paar uur buiten zet. Een gezinsverpakking paracetamol sleept me door de dag.

Dinsdagochtend

Beetje pijn, verwaarloosbaar. Dit gaat goed.

Woensdagochtend

Mmmm…volhardend typje. Weer één zonder bindingsangst. Ik red me door de dag, al moet ik één keer tijdens een TEAMS meeting even de camera en microfoon dichtgooien wegens onacceptabel gedrag. Iets met kronkelen over de vloer en iets teveel vloekwoorden. De rest van de dag is prima te doen.

Donderdagochtend

“Hoe gaat het?”, vraagt mijn man nadat ik het laatste kuiken heb uitgezwaaid. “Eigenlijk best goed, tot nu”. Ik meen het. Maar ik heb de tuindeur nog niet afgesloten of de pijn komt terug. In best intense golven dit keer. Tijd om aan de bel te trekken. Om 10.00 uur kan ik bij de huisarts terecht. Ik hou mijn mondkapje netjes op, maar mijn tranen niet binnen vrees ik. “Dit is niet goed”, is mijn eerste begroeting. Voor iets banaals als goedemorgen kan ik eigenlijk al geen kracht meer opbrengen.

Het goede nieuws: ik heb geen koorts en geen bloed in mijn urine. Dus kans op niersteen is eigenlijk heel klein. MAAR ZO VOELT HET WEL!! ECHT ! Wel ziet hij ontstekingswaarden, wat samen met de pijnklachten kan duiden op een nierbekkenontsteking. Ik krijg in ieder geval pijnstillers en antibiotica voorgeschreven. Maar ook de huisarts vertrouwt het niet helemaal en wil maximale zekerheid. Komt ook een beetje door mijn voorgeschiedenis en hoe ik toen te lang heb doorgelopen zullen we maar zeggen. En door de wanhopige, vragende ogen die boven mijn mondkapje uitsteken denk ik. Om uit te sluiten dat er sprake is van stuwing (dan is de nier verwijd doordat de urine maar moeilijk weg kan, en dat komt dan weer doordat een steentje de boel blokkeert) moet ik bloed laten prikken. Ik krijg een brief mee met koeienletters CITO. Dat betekent voorrang op zijn ziekenhuislatijns. Ik ken het nog uit mijn eerste zwangerschapsperiode, toen banjerde ik met zo’n verklaring overal zo naar binnen. Nu niet, nu heeft corona altijd voorrang. Wat trouwens logisch is. En moet ik dus eerst netjes bellen voor een spoedafspraak. Ik kan een uurtje later terecht.

Thuis breng ik verslag uit aan manlief en bedenk hoe lastig het moet zijn om met mij getrouwd te zijn. Als ik pijn heb, dan moet je twee dingen vooral niet doen: vragen hoe het met me gaat of proberen me dingen uit handen te nemen. Te helpen zeg maar. Laat mij maar in mijn bubbel, daar heb ik overzicht. Zodra goede bedoelingen, liefdevolle zorgen en helpende handjes mijn bubbel binnendringen, raak ik het overzicht en de controle kwijt. Nog meer controle kwijt, want mijn lijf heeft me al in de steek gelaten. Oh, trouwens niet vragen hoe het met me gaat of niet meedenken wordt ook niet gewaardeerd, want dat zou op desinteresse kunnen duiden. Enige zekerheid die je hebt is eigenlijk dat je het dus nooit goed doet. Je zou kunnen zeggen dat pijn mij nogal onredelijk maakt. Dat zou je kunnen zeggen, maar dat zou ik niet doen als ik jou was. Ik ben labiel genoeg om daar iets van te vinden.

“Dit kan een blauwe plek worden vrees ik”, aldus Kim van de bloedafname. Ze loog, het werd zwart met een vleugje paars. Prima goed, ik hoef toch niemand te verleiden met mijn bovenarm, bovendien is het geen T-shirtweer. Op de terugweg naar de auto vind ik een muntje van 20 cent. ‘Dat moet geluk brengen’, denk ik terwijl ik buk om het op te rapen. Dom. Ik had kunnen weten dat alles met 20 erin in dit rare jaar juist een voorteken is van exact het tegenovergestelde.

De huisarts belt vrij snel met de mededeling dat uit niets blijkt dat er stuwing is. Ook de ontstekingswaarden zijn vrij laag. Dus toch geen steen, wat fijn. Zo’n ontsteking kom ik wel overheen. Denk ik. De huisarts deelt mijn opluchting nog niet. Hij gaat me morgenochtend bellen om 9.00 uur om even te checken hoe het gaat. Grappig zo’n medische voorgeschiedenis, bleven in 2016 de deuren heel lang dicht, nu gaan ze al open zonder dat ik er tegenaan duw. Fijn wel. Oh en ik moet niet teveel drinken als ik pijn heb, krijg ik als advies mee. Goed joh, dan droog ik wel uit.

Thuis is alles anders. Man en dochters lijken aangeslagen, ik krijg opeens wel heel veel spontane knuffels (zelfs zij van 17 ! Wat gebeurt hier?) en ik besef dat ik wat werk te doen heb hier. Ik wijs ze erop dat nog niets wijst op een steen en dat ik goede hoop en medicijnen heb en blablabla….alles komt goed. Het voelt als liegen. Ondertussen overweeg ik me in te schrijven voor het Olympische onderdeel turnen op de mat, want de pijn maakt me leniger dan ik ooit had kunnen vermoeden. Het is dat zo’n pakje me niet staat.

Vrijdagochtend, 9.00 uur

“Ik ben vannacht maar 3x doodgegaan”, vertrouw ik de huisarts toe. Om daarna te informeren of het klopt dat een nierbekkenontsteking dezelfde klachten geeft als een niersteen. Dat zou kunnen, zo begrijp ik. Het is in ieder geval ook verrot pijnlijk. Ik krijg een standje voor mijn timing (zo onhandig voor het weekend), want de huisarts wil eigenlijk niet loslaten zo vlak voor het weekend. Toch maar een echo. Hij belt binnen 5 minuten terug voor een afspraak. Hup, weer naar het ziekenhuis! Ik parkeer mijn auto en staar naar de hoek van de straat waar ook nog plek is. En waar ik vier en een half jaar geleden in mijn auto zat te huilen als een klein kind. Ik weiger daar mijn auto nu neer te zetten, bijgeloof is een vreemd iets. Gillen trouwens ook, de akoestiek van een Renault Scènic is bijzonder goed. Het voelt lekker om even de frustratie van me af te schreeuwen. Al keek één voorbijganger mij ietwat raar aan.

De balie radiologie heeft veel weg van Monty Python. Of Jiskefet. Iets met een nieuw computerprogramma en spoedaanvragen die niet doorkomen. Of ik even plaats wil nemen, klinkt het tussen de excuses door. De wet van Murphy, ze hadden hem beter de wet van Yvet kunnen noemen. Bekt ook lekkerder, rijmtechnisch dan. Ik zie drie hardwerkende, panikerende vrouwen achter een balie en benijd ze niet. “Ja, dan moet hij maar even faxen ofzo”, zegt de één. “Maar de koppeling ligt er ook uit, hoe kom ik dan aan een telefoonnummer”, zegt de ander. Ik bemoei me in het gesprek en informeer of dit over mijn huisarts gaat. Binnen 5 tellen heeft de steeds meer in paniek rakende vrouw het telefoonnummer van mij gekregen en nog geen 2 minuten later is de fax binnen. Ik wens hen veel sterkte en strompel naar de volgende wachtruimte.

“Ik zie hier wat lichte stuwing. Niet veel, maar het zit er wel. Waarschijnlijk een steentje, maar dat kunnen we met de echo niet waarnemen”, aldus de radiologe. Gevolgd met het verzoek of ik zelf verslag wil uitbrengen aan de huisarts, want de systemen….nou ja, die liggen nog steeds plat. Iets waar ik ook naar verlang op dat moment want ik voel me volledig uitgeput. Ik rij gefrustreerd naar huis. Ik wist het eigenlijk wel, deze pijn is onmiskbaar dezelfde als toen. Pijn geeft trouwens recht op voorrang, zo leerden een aantal automobilisten op mijn terugweg. Sorry. Ik ben mezelf niet.

Thuis bel ik de huisarts, die op zijn beurt gaat overleggen met de uroloog. Uitkomst van het gesprek is ‘we kijken het nog even aan’. En, in tegenstelling tot eerder advies, wel heel veel drinken. Dan maar pijn, het kan helpen. Er is een goede kans dat de steen vanzelf los komt (waar hoorde ik dat ooit eerder) en ik ben qua drugs voorzien. Wel komt er een aantekening in mijn medisch dossier. Als ik dit weekend koorts krijg, ziek word of mijn pijnklachten verergeren (nog erger? doe effe normaal man) dan hoef ik alleen telefonisch langs de huisartsenpost. Die verwijzen me dan gelijk door naar de uroloog van dienst. Zonder al teveel overtuiging stel ik mijn kuikens gerust. Vorige keer kreeg ik na 2 weken pas een echo, we zijn er nu écht écht vroeg bij. En de kans dat dit zichzelf oplost is ook gewoon nog altijd heel groot. Ondertussen neemt de pijn het weer even over. Leuk verhaal, ik hoop dat ze het aannemen. Ik niet in ieder geval. Ik ben bang.

Zaterdagochtend, 7.00 uur

Ik heb de wekker gezet om in alle vroegte boodschappen te gaan doen (doe ik eigenlijk al sinds corona, om zo de drukte wat te omzeilen). En nee, dat doe ik zelf en ik ben niet invalide en wat denk je wel niet en laat me in ieder geval in de waan van dat er niets aan de hand is. (soort van samenvatting van het gesprek met mijn man). Ik was na 10 minuten ook gestopt met tegensputteren hoor.

Eerst nog even naar het toilet waar alle beloftes van de bijsluiter van de antibiotica in één vloeiende beweging worden waargemaakt. Alweer. En ik moet nog 6 dagen die troep slikken. Pffff. Eigenlijk moet ik van de dokter plassen door een zeefje, maar dat durf ik niet nu ik één sluitspier sowieso niet onder controle heb.

Ik ga naar de supermarkt en neem plichtsgetrouw een mondkapje mee. Waar ik vanochtend liever een kontkapje had gehad, want ik vind het best spannend boodschappen doen zo. Thuis ruim ik de boodschappen op, maak mezelf een kop thee en lees de infantiele theezakjesvraag van vandaag. “Wat tovert bij jou een glimlach op je gezicht?”

Pijnstillers Pickwick. Pijnstillers en chocolade.

De rest van het gezin ontwaakt en komt naar beneden, ik sluip langs hen heen naar boven. Naar bed. Prima plek om dit weekend door te brengen. Nu maar hopen dat Henk een wat meegaander typje is dan Harry en ik dit met één blogje afkan.

Wordt niet vervolgd dus, als het aan mij ligt.


4 Reacties naar “Neef Henk”

  1. Caroline 28 november 2020 bij 19:08 #

    Sterkte meis 🤞🏼🍀 Hopen dat Henk snel de uitgang weet te vinden 😖

  2. Helga 29 november 2020 bij 08:29 #

    Jeetje, heftig. Heel veel sterkte en beterschap, hopelijk is Henk snel verdwenen

  3. Charlotte 1 december 2020 bij 08:32 #

    Ai, dat Neef Henk snel je huisje mag verlaten! Sterkte🍀

Trackbacks/Pingbacks

  1. Neef Henk – deel 2 | feetjeblogt - 10 december 2020

    […] De aanleiding gemist? Lees ‘m hier terug. […]

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: